Klas 6

Een zesdeklasser treedt de wereld steeds vaker zelfstandig tegemoet, steeds meer indrukken worden zonder de ouders opgedaan. Activiteiten met klasgenoten worden zelfstandig ondernomen. Hij of zij gaat steeds meer verantwoordelijkheid dragen voor de taken die van hem of haar verwacht worden; het huiswerk op tijd verzorgen, een werkstuk maken, op tijd boeken uit de bibliotheek halen voor een bepaalde periode etc. Buiten spelen betekent een spel spelen met duidelijke regels of samen praten en discussiëren. Ze vragen om heel duidelijke regels en afspraken. Graag willen sommigen hierover in discussie, wat op deze leeftijd nog niet aan de orde is. Rechtvaardigheid, gehoord en gezien worden staan daar tegenover.
Ze beginnen wakker te worden voor het kunnen denken in oorzaak en gevolg, ook in de omgang met elkaar worden ze daar beter op aanspreekbaar. Dit helpt ze om tot een beter inzicht in zichzelf te komen.
Wat in de les aangeboden wordt moet een hoog waarheidsgehalte hebben, werkelijk gebeurde feiten hebben hun interesse. Kinderen in deze leeftijdsfase hebben een enorme werklust.
Het leerplan sluit nauw aan bij de ontwikkeling die de kinderen volgen en ondersteunt het proces van wakkerheid, exactheid en werklust.
De geschiedenis van het Romeinse Rijk en de Middeleeuwen wordt aangeboden.
De verstelstof bestaat nu uit verhalen over werkelijke feiten uit deze geschiedenis.
Bij aardrijkskunde leren ze niet alleen meer wat zichtbaar is óp aarde, maar kijken ook naar het binnenste van de aarde. Zo ontdekken ze de verschillende mineralenvormen, vulkanen, grotten en ook hoe de gesteenten door de tijd heen gevormd zijn.
De landen van Europa worden bestudeerd en voor een deel zelfstandig door de kinderen uitgewerkt. Het landschap, het klimaat en de gewoonten van het volk worden vergeleken t.a.v. de noordelijke en zuidelijke landen en van de oostelijke en westelijke landen.
Bij natuurkunde kijken we objectief naar wat er werkelijk wordt waargenomen. Proeven worden in groepjes gedaan, de uitkomsten (gevolgen) hiervan worden getekend en opgeschreven en met elkaar vergeleken .
Geometrische vormen, zoals de driehoek, het vierkant en de rechthoek worden geconstrueerd met de passer, waarbij exactheid héél belangrijk is. De kinderen maken ook m.b.v. cirkel prachtige bloemvormen, waarin de geometrische vormen weer zichtbaar worden.
Naast de taalkundige ontleding in woordsoorten wordt nu de redekundige ontleding (onderwerp, gezegde etc.) aangeboden. De naam zegt het al, met de REDE (verstand) naar de taal kijken.